Leven is bewegen
Alles wat leeft beweegt. Ook al kunnen we dat niet waarnemen. Zoals stenen bijvoorbeeld. We kunnen wel meer beweging waarnemen als we ons daar bewust van zijn.Zo voelen we bijvoorbeeld de wind langs onze wangen als er een koude wind staat. We kunnen echter altijd de lucht langs onze wangen waarnemen, alleen letten we daar meestal niet op.
Zo worden we bij voortduring geraakt door beweging. Door de trilling van lucht, geluid, geuren en smaken. Wij zijn ons van die aanraking voornamelijk bewust als die ons aangenaam is of juist onaangenaam. Dan zeggen we: “wat ruikt het hier heerlijk of wat stinkt het hier.”
Ook worden we geraakt op emotioneel niveau. Bijvoorbeeld door schoonheid, zoals nu in de lente de kleuren weer terug komen in de natuur. Of we worden geraakt als iemand iets aardigs of juist onaardigs zegt. Velen zeggen dan: “dat heeft me geraakt.”
We hebben beweging nodig om te leven, te ontwikkelen en te groeien. Als we de beweging vastzetten gebeurt er iets met het leven, de ontwikkeling of de groei.
In oude tijden werden bijvoorbeeld hoofden (Egypte) of voeten (China) ingebonden om groei een bepaalde kant op te dwingen of te stoppen. Naar zeggen was de eivorm van de hoofden van de farao’s een bewijs van hun goddelijkheid en waren Chinese vrouwen mooier naarmate hun voeten kleiner waren.
Tegenwoordig zetten we de beweging stil als dit bijvoorbeeld om medische redenen nodig is, zoals bij een botbreuk. Als we een bot in een been breken en het gaat voor langere tijd in het gips, dan worden ook de spieren vastgezet. De consequentie is dat die spieren verslappen. Als het gips verwijderd wordt, hebben de spieren tijd en ondersteuning nodig om hun beweging weer op het oorspronkelijke niveau uit te voeren.
Heel anders is het met alles wat we onbewust vastzetten. Zoals de beweging van ons denken, ons handelen en zelfs onze autonome bewegingen, zoals bijvoorbeeld de ademhaling. We zetten onze gedachten vast door te ‘malen’, door te oordelen of door in de verdediging voor iets te gaan. Spanning zetten we vast in onze spieren waardoor we spierpijn krijgen en soms zo erg dat we bepaalde bewegingen nog maar nauwelijks kunnen maken.
Angst, schrik en pijn zijn de bekende veroorzakers. We hebben vaak zelf niet in de gaten dat we het doen. Of ontdekken het doordat we last hebben van de consequenties.
Er zijn de zogenaamde ‘knarsers’. Mensen die ’s nachts hun kaken over elkaar schuiven. Slecht voor het gebit, zeggen de tand-artsen. Maar leer het maar eens af. Allerlei akelige ‘bitjes’ zijn er nodig om (meer) schade te voorkomen. Het vast-zetten van de kaken is daarmee nog niet verholpen. Zelf kwam ik om een andere reden terecht bij een orofaciale fysiotherapeut, iemand die gespecialiseerd is in het kaak/hals en nek gebied. Deze vroeg mij: “waar houdt u uw tong?” Tja, eh, waar houd je je tong? In je mond natuurlijk. Vanzelfsprekend was dat niet het antwoord op de vraag. Het blijkt dat veel mensen hun tong vastzetten. Dan wel tegen hun verhemelte, dan wel geduwd tegen de voortanden. Of ze zuigen de tong vacuüm. En dat heeft allemaal nare consequenties. Consequenties voor de kaak, de hals, de nek en uiteindelijk de rug en dus voor het hele lichaam. Elk botje, spiertje en zenuwtje communiceert met elkaar.
Ons lichaam weet boven wat er beneden gebeurt, weet van voren wat er van achteren gebeurt. Maar ons bewustzijn weet het, vaker dan goed voor ons is, niet.
Blijkbaar is er iets mis met de communicatie tussen ons lichaam en ons bewustzijn.
